Nationalisme vóór de aanvang van de Islam
Nationalism Before The Dawn Of Islam
Het Arabisch schiereiland was, tijdens de periode voorafgaand aan de dageraad van de Islam, sterk verdeeld langs nationalistische lijnen. Mensen die in een tent of een huis woonden vormden een familie; een groep families vormde een clan en een groep clans vormde een stam. Elke stam had haar eigen reeks regels en voorschriften waaraan de mensen werden onderworpen. Eer, trots en loyaliteit werden door deze stammen hoog in het vaandel gedragen. Alle activiteiten bleven beperkt binnen het kader van de tribale structuur en iedereen die buiten deze grenzen trad, werd berispt. Het op deze wijze samen herden bood veiligheid voor de individuen die tot de stam behoorden en ook voor iedereen die bij hen asiel zocht.
The Arabian peninsular, during the period leading up to the dawn of Islam, was heavily split on nationalistic lines. People living in a tent or a house formed a family; a group of families made a clan and a group of clans formed a tribe. Each tribe had its own set of rules and regulations according to which people were governed. Honour, pride and loyalty were held in high esteem by these tribes. All activities were confined within the framework of the tribalistic structure and anyone stepping outside these limits was reprimanded. Herding together in this fashion provided security for the individuals belonging to the tribe and also for anyone seeking refuge with them.
Sommige van de dominante stammen waren Quraysh in Makkah, Aus, Khazraj en enkele Joodse stammen in Yathrib (Madinah) en Thaqif in Ta‘if.
Some of the dominant tribes were Quraysh in Makkah, Aus, Khazraj and some Jewish tribes in Yathrib (Madinah) and Thaqif in Ta‘if.
De sterke loyaliteiten aan de stammen leidden vaak tot rivaliteit tussen stammen. Deze rivaliteit culmineerde vaak in fysieke confrontaties, wat op zijn beurt leidde tot stammenoorlogen, gevoerd om triviale zaken zoals weidegronden, water, paarden en kamelen. De periode van de tijd van onwetendheid (Jahiliyyah)
The strong loyalties to the tribes often led to inter-tribal rivalries. These rivalries often culminated in physical clashes, which in turn led to tribal wars, fought over trivial issues such as pastures, water, horses and camels. The period of jahiliyyah (ignorance)
is vol van dergelijke voorbeelden. Tijdens de 5e eeuw was een van de bekende oorlogen Harb al-Basus, die begon door de verwonding van een vrouwelijke kameel genaamd Basus, die toebehoorde aan een oude vrouw van Banu Bakr. Deze oorlog duurde dertig jaar met wederzijdse overvallen, plunderingen en moorden. Harb al-Dalis ontstond uit onrechtvaardig gedrag tijdens een paardenrace tussen de stammen van Abs en Dhabyan in centraal Arabië. Deze oorlog duurde decennia.
is full of such examples. During the 5th Century, one of the well known wars was Harb al-Basus, which started from the wounding of a she-camel named Basus that belonged to an old woman of Banu Bakr. This war lasted for thirty years with reciprocal raids, plundering and killings. Harb al-Dalis arose from an unfair conduct in a horse race between the tribe of Abs and Dhabyan in central Arabia. This war lasted for decades.
De twee stammen Aus en Khazraj in Yathrib (nu Madinah genoemd) waren betrokken bij Harb al-Bu‘ath, en in Makkah vochten de Quraysh en hun bondgenoten, de Kinanah, tegen de Hawazin in de oorlog die bekendstaat als Harb al-Fujjar.
The two tribes of Aus and Khazraj in Yathrib (now called Madinah) were involved in Harb al-Bu‘ath, and in Makkah the Quraysh and their allies, the Kinanah, fought the Hawazin in the war known as Harb al-Fujjar.