Bewoners van de stad
Dwellers Of The Town
Allah de Almachtige zegt:
Allah the Almighty says:
{En geef aan hen een gelijkenis: de (verhaal van de) bewoners van de stad, toen er Boodschappers naar hen kwamen. Toen Wij naar hen twee Boodschappers stuurden, ontkenden zij beiden; dus versterkten Wij hen met een derde, en zij zeiden: "Voorwaar, wij zijn naar jullie gezonden als Boodschappers." Zij (de mensen van de stad) zeiden: "Jullie zijn slechts mensen zoals wijzelf en de Meest Barmhartige (Allah) heeft niets geopenbaard. Jullie vertellen slechts leugens." De Boodschappers zeiden: "Onze Heer weet dat wij naar jullie zijn gezonden als Boodschappers." En onze plicht is slechts om (de Boodschap) duidelijk over te brengen." Zij (de mensen) zeiden: "Voor ons zien wij een slecht voorteken in jullie: als jullie niet ophouden, zullen wij jullie zeker stenen, en een pijnlijke straf zal jullie van ons raken." Zij (de Boodschappers) zeiden:
{And put forward to them a similitude: the (story of the) dwellers of the town, when there came Messengers to them. When We sent to them two Messengers, they belied them both; so We reinforced them with a third, and they said: "Verily we have been sent to you as Messengers." They (people of the town) said: "You are only human beings like ourselves and the Most Gracious (Allah) has revealed nothing. You are only telling lies." The Messengers said: "Our Lord knows that we have been sent as Messengers to you." And our duty is only to convey plainly (the Message)." They (people) said: "For us, we see an evil omen from you: if you cease not, we will surely stone you, and a painful torment will touch you from us."They (Messengers) said:
"Moge jullie onheil met jullie zijn! (Noem je het een 'slecht voorteken') omdat jullie worden gewaarschuwd? Nee, maar jullie zijn een volk Musrifun (die alle grenzen overschrijden door allerlei grote zonden te begaan en door Allah ongehoorzaam te zijn)."
"Your evil omens be with you! (Do you call it "evil omen") because you are admonished? Nay, but you are a people Musrifun (transgressing all bounds by committing all kinds of great sins, and by disobeying Allah).
En er kwam een man aanrennend vanuit het verste deel van de stad. Hij zei: "O mijn volk! Gehoorzaam de Boodschappers. Gehoorzaam degenen die geen loon van jullie vragen (voor zichzelf), en die op de juiste weg zijn. En waarom zou ik niet aan Hem (Allah Alleen) aanbidden Die mij heeft geschapen en tot Wie jullie zullen worden teruggebracht? Zal ik naast Hem alihah (goden) nemen?"
And there came a man running from the farthest part of the town. He said: "O my people! Obey the Messengers. " “Obey those who ask no wages of you (for themselves), and who are rightly guided. "And why should I not worship Him (Allah Alone) Who has created me and to Whom you shall be returned." "Shall I take besides Him alihah (gods)?
"Als de Meest Barmhartige (Allah) mij enig onheil wenst, dan zal hun tussenkomst voor mij geen enkele nut hebben, noch kunnen zij mij redden?" "Dan zou ik werkelijk in dwaling zijn." "Voorwaar! Ik heb in jullie Heer geloofd, dus luister naar mij!" Er werd gezegd (tegen hem toen de ongelovigen hem doodden):
If the Most Gracious (Allah) intends me any harm, their intercession will be of no use for me whatsoever, nor can they save me?" "Then verily, I should be in plain error." “Verily! I have believed in your Lord, so listen to me!" It was said (to him when the disbelievers killed him):
"Ga het Paradijs binnen." Hij zei: "Zou mijn volk maar wist dat mijn Heer (Allah) mij vergeven heeft en mij tot de geëerderen heeft gemaakt!" En Wij hebben na hem geen leger uit de hemel tegen zijn volk gestuurd, noch was het voor Ons nodig om (zulk iets) te sturen. Het was slechts één Saihah (schreeuw).
"Enter Paradise." He said: "Would that my people knew. "That my Lord (Allah) has forgiven me, and made me of the honored ones!" And We sent not against his people after him a host from the heaven, nor was it needful for Us to send (such a thing). It was but one Saihah (shout)
En zie! Zij (allen) waren nog (stil, dood, vernietigd)}. (Ya-Sin, 13-29)
and lo! They (all) were still (silent, dead, destroyed)}. (Ya-Sin, 13-29)
'Abdullah Ibn 'Abbas, Ka'b Al-Ahbar en Wahb Ibn Munabih en velen anderen vertelden een verhaal over een stad genaamd Antioch (Antakiyah), die werd geregeerd door de koning Antikhis Ibn Antikhis. Deze koning was een afgodendienaar. Allah de Almachtige stuurde hem drie Boodschappers naar wie hij fel gelogen had. De Boodschappers waren:
'Abdullah Ibn 'Abbas, Ka'b Al-Ahbar and Wahb Ibn Munabih and many others narrated a story of a town called Antioch (Antakiyah), governed by the king Antikhis Ibn Antikhis. This king used to observe idol worship. Allah Almighty sent him three Messengers whom he severely belied. The Messengers were:
Sadiq, Masduq en Shalom.
Sadiq, Masduq and Shalom.
Het is overduidelijk dat zij boodschappers waren, gezonden door Allah de Almachtige. Qatadah beweerde dat zij boodschappers waren, gezonden door Jezus Christus (vrede zij met hem). Dezelfde visie werd gehanteerd door Ibn Jarir na Wahb na Ibn Sulaiman na Shu'aib Al-Jiba'i, die eraan toevoegde dat: die boodschappers Shimon, Jonah en Paul werden genoemd en de stad Antioch werd genoemd. Deze visie is ongegrond, omdat de mensen van Antioch toen zij drie van de discipelen van Jezus Christus (vrede zij met hem) ontvingen
It is evidently apparent that they were Messengers sent by Allah the Almighty. Qatadah claimed them to be messengers sent by Jesus Christ. The same view was held by Ibn Jarir after Wahb after Ibn Sulaiman after Shu' aib Al- Jiba'i who added that: those messengers were called: Shimon, Jonah and Paul and the town was called Antioch. This view is groundless because the people of Antioch when received three of the disciples of Jesus Christ (Peace be upon him)
-waren de eersten die op dat moment in hem geloofden. Hierop was Antioch een van de eerste vier steden waarin voor het eerst christelijke patriarchen bestonden. Deze vier steden waren Antioch, Jeruzalem, Alexandrië en Rome. De mensen van deze steden werden echter niet vernietigd, terwijl de mensen van de eerder genoemde stad in de Koranische verzen totaal werden weggevaagd, na de moord op hun metgezel die Allah naar hen had gezonden om hen te vermanen. Allah de Almachtige zegt: {Het was slechts één Saihah (geschreeuw) en zie! Zij (allen) waren (stil, dood en vernietigd)}. (Ya-Sin, 29) Er is geen tegenstrijdigheid tussen de twee interpretaties, indien het zo was dat de drie Boodschappers van Allah werden gezonden naar de eerdere bewoners van Antioch en dat zij werden gelogen, hetgeen volledige vernietiging tot gevolg had. Daarna werd hun land opnieuw bewoond en tijdens het leven van Jezus (vrede zij met hem) geloofden de nieuwe bewoners in zijn drie boodschappers.
-were the first to believe in him at that very time. Thereupon, Antioch was one of the first four towns in which there first existed Christian Patriarchs. These four towns were Antioch, Jerusalem, Alexandria and Rome. However, the people of these towns were not destroyed, whereas the people of the aforementioned town in the Qur'anic verses were totally annihilated, following the killing of their companion whom Allah sent to admonish them. Allah the Almighty says: {It was but one Saihah (shout) and lo! They (all) were still (silent, dead and destroyed)}. (Ya-Sin, 29) There is no contradiction between the two interpretations, if the case was that the three Messengers of Allah were sent to the earlier dwellers of Antioch and that they were belied, the matter which incurred complete destruction. Then, their land was re-inhabited and during the lifetime of Jesus (Peace be upon him) the new dwellers believed in his three messengers.
De bewering dat het verhaal dat in de Glorieuze Koran wordt vermeld dat van de boodschappers van Jezus (vrede zij met hem) is, is zeer absurd en ongegrond.
The claim that the story mentioned in the Glorious Qur'an is that of the messengers of Jesus (Peace be upon him) is very absurd and groundless.
Overduidelijk laat de context zien dat zij, de Boodschappers, door Allah de Almachtige zijn gestuurd.
Obviously, the context shows that they, the Messengers were sent by Allah the Almighty.
Allah de Almachtige zegt: {En presenteer aan hen een gelijkenis}, dat wil zeggen voor jouw volk, o Muhammad ﷺ. {De (verhaal van de) bewoners van de stad, toen er Boodschappers naar hen kwamen. Toen Wij naar hen twee Boodschappers stuurden, ontkenden zij beiden, waarna Wij hen met een derde versterkten}, dat wil zeggen Wij steunden hen met een derde Boodschapper, {en zij zeiden:
Allah the Almighty says: {And put forward to them a similitude} i.e. for your people 0 Muhammad (Peace be upon him). {The (story of the) dwellers of the town, when there came Messengers to them. When We sent to them two Messengers, they belied them both, so We reinforced them with a third} i.e. We supported them with a third Messenger, {and they said:
{Voorwaar, wij zijn tot jullie als Boodschappers gestuurd}. De mensen van de stad zeiden dat de Boodschappers slechts menselijke wezens waren, en zij verwierpen het idee dat Allah Almachtig menselijke wezens als Zijn Boodschappers tot de mensheid zou kunnen sturen.
Verily we have been sent to you as Messengers}. The people of the town said that the Messengers were only human beings and they set aside the idea that Allah Almighty might send human beings as His Messengers to mankind.
De Boodschappers bevestigden dat Allah weet dat zij naar hen zijn gestuurd en dat als zij tegen Hem zouden liegen, Hij hen zeker de zwaarste van alle straffen zou geven. Zij voegden eraan toe: {onze plicht is slechts om duidelijk over te brengen (de Boodschap)} oftewel wat zij brachten, en dat leiding en misleiding enkel in de Hand zijn van Allah de Almachtige Alleen. {Zij (mensen) zeiden: Voor ons zien wij een slecht voorteken in jullie} oftewel in datgene wat jullie ons hebben gebracht. {Als jullie niet ophouden, zullen wij jullie zeker stenen} met kwade woorden en ook met stenen; {en een pijnlijke straf zal jullie van ons treffen} oftewel zij dreigden hen met vernederende pijn (kwade woorden) en de dood (het stenen). {Zij (Boodschappers) zeiden: Laat jullie slechte voortekenen dan bij julliezelf!} oftewel zij zullen jullie slecht treffen. {(Nemen jullie het "slechte voorteken" omdat jullie worden gewaarschuwd?)} oftewel omdat wij jullie met leiding hebben herinnerd en jullie daartoe hebben uitgenodigd, dreigen jullie ons met de dood en het toebrengen van vernedering. {Nee, maar jullie zijn een volk dat Musrifun is} oftwel jullie overschrijden alle grenzen door allerlei soorten zondige daden te begaan en door Allah te ongehoorzamen.
The Messengers asserted that Allah knows that they have been sent to them and that if they lie to Him, He would certainly give them the severest of all punishment. They added: {our duty is only to convey plainly (the Message)} i.e. what they were sent with and that guidance and misleading are in the Hand of Allah the Almighty Alone. {They (people) said: For us, we see an evil omen from you} i.e. from what you have brought us. {If you cease not, we will surely stone you} with bad words and stones as well; {and a painful torment will touch you from us} i.e. they threatened them with afflicting humiliation (bad words) and killing (stoning to death). {They (Messengers) said: Your evil omens be with you!} i.e. they will badly affect you. {(Do you call it "evil omen ") because you are admonished?} i.e. because we reminded you with guidance and invited you to it you threatened us with killing and afflicting humiliation. {Nay, but you are a people Musrifun} i.e. you transgress all bounds by committing all kinds of sinful deeds, and by disobeying Allah.
Allah de Almachtige zegt: {En er kwam een man aanrennend vanuit het verste deel van de stad} om de Boodschappers te steunen en om zijn geloof in hen te verklaren. {Hij zei: O mijn volk! Gehoorzaam de Boodschappers. Gehoorzaam degenen die geen loon van jullie vragen (voor zichzelf), en die op de rechte weg zijn} d.w.z.
Allah the Almighty says: {And there came a man running from the farthest part of the town} to support the Messengers and to declare his faith in them. {He said: 0 my people! Obey the Messengers. Obey those who ask no wages of you (for themselves), and who are rightly guided} i.e.
Zij nodigen u uit tot de absolute waarheid zonder dat zij daarvoor een loon of beloning van u vragen. Vervolgens nodigde hij hen uit om Allah Alleen te aanbidden, en niet iets anders dan Hem te aanbidden dat niets kan doen in dit huidige leven of in het Hiernamaals. {Dan zou ik werkelijk in een duidelijke dwaling zijn}, dat wil zeggen, als ik de aanbidding van Allah zou verlaten en iets anders dan Hem zou aanbidden.
they invite you to the absolute truth without asking wages or reward for themselves of you. Then he invited them to worship Allah Alone, and not to worship other than Him that can do nothing in this present life or in the Hereafter. {Then verily, I should be in plain error} i.e. if I abandoned the worship of Allah and worshipped anything else besides Him.
Toen zei de gelovige man tegen de drie Boodschappers: {Voorwaar! Ik heb in jullie Heer geloofd, dus luister naar mij!}, oftewel: jullie moeten naar mijn verklaring luisteren en hierover getuigen voor jullie Heer. Of: O mijn volk! Luister naar mijn geloofsverklaring van deze Boodschappers. Daarop doodden de mensen hem, hetzij door hem te stenen, hetzij door te bijten, of door hem met een plotselinge aanval te overvallen. Ibn Ishaq overleverde, na enkele van zijn gelijken, op gezag van `Abdullah Ibn Mas’ud dat de mensen over zijn lichaam heen stapten totdat zij zijn nek braken.
Then, the believing man said to the three Messengers: {Verily! I have believed in your Lord, so listen to me!}, i.e. you should listen to my statement and bear witness to this before your Lord. Or, 0 my people! Listen to my declaration of faith of these Messengers. Thereupon, the people killed him either by stoning him to death, or biting, or making one sudden assault against him. Narrated Ibn Ishaq after some of his counterparts on the authority of `Abdullah Ibn Mas’ud that the people stepped over his body till they broke his neck.
Overgeleverd door Ath-Thawri, na `Asim Al-Ahwal, na Abu Majlaz, zijn uitspraak: De naam van die gelovige man was Habib Ibn Murriy, die naar verluidt een timmerman, een touwslager of een schoenmaker was. Er wordt ook gezegd dat hij zijn religieuze rituelen verrichtte in een afgelegen grot. `Abdullah Ibn `Abbas (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: Hij was Habib, de timmerman die getroffen was door melaatsheid. Hij was vrijgevig, maar werd uiteindelijk gedood door de handen van zijn eigen volk.
Narrated Ath-Thawri after `Asim Al-Ahwal after Abu Majlaz his saying: The name of that believing man was Habib Ibn Murriy who was said to be a carpenter, or rope-maker, or shoe-maker. It is also said that he used to observe his religious rituals in an isolated cave. `Abdullah Ibn `Abbas (May Allah be pleased with him) said: He was Habib, the carpenter who was afflicted with leprosy. He was charitable, but killed at the end at the hands of his own people.
Dan zegt Allah de Almachtige: {Betreed het Paradijs}, oftewel toen hij door zijn volk werd gedood, liet Allah de Almachtige hem toe tot het Paradijs. Toen hij de genoegens en vreugden daarin zag, zei hij: {Zouden mijn mensen maar wisten! Dat mijn Heer (Allah) mij vergeven heeft, en mij tot de geëerdeerden heeft gemaakt!}, oftewel: om te geloven in datgene waarin ik geloof heb en zo te verkrijgen wat ik zojuist heb verkregen. Ibn `Abbas (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: Hij adviseerde zijn volk tijdens zijn leven door te zeggen: {O mijn volk! Gehoorzaam de Boodschappers}, en na zijn dood: {Zouden mijn mensen maar wisten! Dat mijn Heer (Allah) mij vergeven heeft, en mij tot de geëerdeden heeft gemaakt!}. Daarnaast zei Qatadah: De gelovige geeft altijd advies vanwege wat hij ziet van de beloningen die door Allah zijn verleend: {Zouden mijn mensen maar wisten! Dat mijn Heer (Allah) mij vergeven heeft, en mij tot de geëerdeden heeft gemaakt!}, oftewel: hij wenste dat zijn volk zou weten welke eer Allah hem heeft geschonken. Qatadah voegde eraan toe: Bij Allah! Allah heeft die mensen niet gewaarschuwd of zelfs niet verweten na het doden van hem (de gelovige man): {Het was slechts één Saihah (geschreeuw) en zie! Zij (allen) waren plotseling (stil, dood, vernietigd)}. Allah de Almachtige zegt: {En Wij hebben niet tegen zijn volk na hem een leger uit de hemel gestuurd, noch was het voor Ons nodig om (zulk iets) te sturen}, oftewel: het was niet nodig voor Allah de Almachtige om tegen hen een leger uit de hemel te sturen om de Boodschappers te wreken.
Then, Allah the Almighty says: {Enter Paradise} i.e. when he was killed by his people, Allah Almighty admitted him into Paradise. When he saw of the pleasures and joys therein, he said: {Would that my people knew? That my Lord (Allah) has forgiven me, and made me of the honored ones!}, i.e. to believe in what I have believed in and thus gain what I have just obtained. Ibn `Abbas (May Allah be pleased with him) said: He advised his people during his life saying: {O my people! Obey the Messengers}, and after his death {Would that my people knew? That my Lord (Allah) has forgiven me, and made me of the honored ones!}. In addition, Qatadah said: The believer always gives counseling because of what he sees of the rewards granted by Allah {Would that my people knew? That my Lord (Allah) has forgiven me, and made me of the honored ones!}, i.e. he wished that his people would know the honor Allah bestowed on him. Qatadah added: By Allah! Allah did not admonish or even blame those people after killing him (the believing man) {It was but one Saihah (shout) and lo! They (all) were still (silent, dead, destroyed)}. Allah the Almighty says: {And We sent not against his people after him a host from the heaven, nor was it needful for Us to send (such a thing)}, i.e. it was not needful for Allah the Almighty to send against them a host from the heaven to avenge the Messengers.
Mujahid en Qatadah zeiden: Dit betekent dat Allah hen geen andere Boodschap heeft gestuurd. Ibn Jarir zei: De eerste interpretatie lijkt juister omdat Allah de Almachtige na dit zegt: {en het was niet voor Ons nodig om te zenden (zo iets)}, oftewel, Allah was het niet nodig om zo iets te zenden om hen te straffen toen zij Zijn Boodschappers geloofden en Zijn vrome man doodden, {Het was slechts één Saihah (geschreeuw) en zie, zij (allen) waren (stil, dood, vernietigd)}.
Mujahid and Qatadah said: This means that Allah did not send them another Message. Ibn Jarir said: The first interpretation looks more proper because Allah the Almighty says after this: {nor was it needful for Us to send (such a thing)}, i.e. Allah was not in need to send such a thing to punish them when they belied His Messengers and killed His godly man, {It was but one Saihah (shout) and lo! They (all) were still (silent, dead, destroyed)}.
Uitleggers zeiden: Allah de Almachtige stuurde Gabriël (vrede zij met hem), die de poort van hun stad vasthield en één enkele kreet slaakte {één Saihah (kreet) en zie! Zij (allen) waren stil (stil, dood, vernietigd)}, wat betekent dat zij stil, bewegingsloos en dood werden.
Interpreters said: Allah the Almighty sent Gabriel (Peace be upon him) who maintained a grasp on their town's gate and made a single shout {one Saihah (shout) and lo! They (all) were still (silent, dead, destroyed)}, i.e. they turned to be silent, motionless and dead.
Uiteindelijk wijzen al deze zaken erop dat de stad die in de Koranische verzen wordt genoemd niet Antiochië was, omdat de mensen van Antiochië in Allah geloofden en de boodschappers van Jezus (vrede zij met hem) volgden. Bovendien werd gezegd dat Antiochië de eerste stad was die het geloof in Jezus (vrede zij met hem) verkondigde.
Finally, all these indicate that the town mentioned in the Qur'anic verses was not Antioch because the people of Antioch believed in Allah and followed the messengers of Jesus (Peace be upon him). Moreover, Antioch was said to be the first town to declare faith in Jesus (Peace be upon him).