Inleiding
Introduction
Veel mensen gaan te ver en passen de term 'sociaal systeem' toe op alle levenssystemen. Dit is een onjuiste toepassing; aangezien de systemen van het leven er meer voor geschikt zijn om 'maatschappelijke systemen' genoemd te worden, omdat zij in werkelijkheid dat vormen, aangezien zij de relaties organiseren die ontstaan tussen een volk dat in een bepaalde samenleving leeft, ongeacht hun samenkomen of uiteengaan. Het samenkomen van mensen wordt niet in overweging genomen, wat wordt opgemerkt zijn enkel de relaties (‘Alaqat). Gevolglik zullen zij divers zijn en verschillen volgens de verschillende relaties. Zij omvatten economie, bestuur, politiek, onderwijs, het strafrecht ('Uqubat), maatschappelijke transacties (Mu’amalat) en de regels van (getuigen)bewijzen (Bayyinat), enzovoort.
Many people overstep the mark and apply the term 'social system' to all systems of life. This is an erroneous application; given that the systems of life befit more to be called the 'systems of society' since in reality that is what they constitute, as they organise the relationships which arise between a people living in a particular society regardless of their meeting or dispersing. The meeting of people is not considered, what is noted is only the relationships (‘Alaqat). Consequently, they will be diverse and differ according to the different relationships. They include economics, ruling, politics, education, penal code ('Uqubat), societal transactions (Mu’amalat) and the rules of (testimonial) evidences (Bayyinat) etc.
Zodoende is de toepassing van de term 'sociaal systeem' op al deze relaties betekenisloos en ontoegepast. Bovendien is het woord 'sociaal' een beschrijving van een systeem, waardoor het onderwerp van dit systeem de organisatie moet zijn van de problemen die voortvloeien uit de ontmoeting (van mensen) of de relaties die voortvloeien uit het samenkomen van mensen. De ontmoeting van een man met een man en een vrouw met een vrouw vereist geen systeem, omdat daar geen problemen uit voortvloeien, noch relaties die een systeem vereisen. Alleen de organisatie van hun belangen (Masalih) vereist een systeem in het licht van het feit dat zij in hetzelfde land leven, zelfs als zij elkaar niet ontmoeten. Wat betreft de ontmoeting van een man met een vrouw en vice versa, het is uit deze ontmoeting dat problemen en relaties voortvloeien die georganiseerd moeten worden door een systeem. Zodoende is deze ontmoeting (Ijtima') geschikter om als het sociale systeem te worden aangeduid, omdat het in werkelijkheid dit systeem is dat de ontmoeting tussen mannen en vrouwen organiseert, en de relaties die voortvloeien uit dergelijke ontmoetingen. Daarom is het sociale systeem beperkt tot het systeem dat de organisatie aantoont van de ontmoeting van de vrouw met de man en vice versa, en de relatie van de vrouw met de man en vice versa organiseert. Zo richt het sociale systeem zich op de relaties die voortvloeien uit het ontmoeten van mannen en vrouwen en niet uit hun belangen (Masalih) in de samenleving, en het verduidelijkt alles wat uit deze relatie voortvloeit. Zodoende behoort handel tussen mannen en vrouwen tot de systemen van de samenleving en niet tot het sociale systeem, omdat het valt binnen het economische systeem. Wat betreft het verbod op (Khalwa) afzondering tussen mannen en vrouwen, of wanneer een vrouw het recht heeft om voor zichzelf echtscheiding aan te vragen, of wie het recht op voogdij over een kind heeft, al deze kwesties behoren tot het sociale systeem. Daarom wordt het sociale systeem gedefinieerd als: het systeem dat de ontmoeting tussen een man en een vrouw en vice versa organiseert, en de relatie organiseert die voortvloeit uit hun ontmoeting en alles wat uit deze relatie voortvloeit.
Thus, the application of the term 'social system' to all of these relationships is meaningless and inapplicable. Besides, the word 'social' is a description of a system, thus the subject matter of this system should be the organisation of the problems arising from the meeting (of people) or the relationships that arise from people meeting together. The meeting of a man with a man and a woman with a woman does not require a system because no problems arise from it, nor do relationships arise which require a system. Only the organisation of their interests requires a system in view of the fact that they live in the same country even if they did not meet. As for the meeting of a man with a woman and vice versa, it is from this meeting that problems and relationships arise which need to be organised by a system. Thus, this meeting (Ijtima') befits more to be designated as the social system, because in reality it is this system which organises the meeting between men and women, and the relationships which arise from such meetings. That is why the social system is confined to the system which demonstrates the organisation of the woman's meeting with the man and vice versa, and organises the woman's relationship with the man and vice versa. Thus the social system addresses the relationships that result from men and women meeting and not from their interests (Masalih) in society, and it clarifies all that branches out from this relationship. Thus, trade between men and women pertains to the systems of society and not to the social system, because it falls within the economic system. As for the prohibition of (Khalwa) seclusion between men and women, or when a woman has the right to instigate divorce for herself, or who has the right of custody for a child, all of these issues pertain to the social system. Therefore, the social system is defined as: the system which organises the meeting of a man with a woman and vice versa and organises the relationship which results from their meeting and all that branches out from this relationship.
Het concept van mensen, en met name de moslims, over het sociale systeem in de Islam is uiterst verward geraakt. Hun begrip is ver verwijderd geraakt van de realiteit van de Islam vanwege hun vervreemding van de gedachten en regels ervan. Zij gingen naar het extreme en hanteerden de visie dat een vrouw het recht heeft om in afzondering (Khalwa) te zijn met een man zoals zij wenst, of dat zij naar buiten kan gaan met haar 'Awrah onbedekt, waarbij zij draagt wat zij wil. Anderen gingen naar het andere extreme door de visie te hanteren dat vrouwen niet het recht hebben om handel te drijven of mannen te ontmoeten onder welke omstandigheden dan ook, en beschouwden het gehele lichaam van de vrouw als 'Awrah, inclusief de handen en het gezicht. Door dit extremisme was er een degeneratie van de moraal en een stagnatie van het denken (Tafkeer). De resultaten van dit alles zijn de uiteenvalling van het sociale aspect, onrust binnen het moslimgezin, de heersende ontevredenheid en onvrede onder gezinsleden, en talrijke geschillen en verdeeldheid tussen de individuen ervan.
Peoples' conception, especially the Muslims, of the social system in Islam became extremely confused. Their understanding became far removed from the reality of Islam due to their alienation from its thoughts and rules. They went to the extreme, holding the view that a woman has the right to be in seclusion (Khalwa) with a man as she wished, or that she can go out with her 'Awrah uncovered wearing whatever she pleased. Others went far to the other extreme taking the view that women do not have the right to practise trade or meet with men under any circumstances, and viewed the whole of the woman's body as 'Awrah including the hands and face. Due to this extremism there was degeneration of morals and a stagnation of thinking (Tafkeer). The results of all this has been the break up of the social aspect, unrest within the Muslim family, the prevalence of dissatisfaction and discontent amongst family members, and numerous disputes and divisions between its individuals.
De noodzaak om het gezin te verenigen en het geluk ervan te waarborgen werd gevoeld door alle moslims, en de zoektocht naar een oplossing voor dit ernstige probleem bezighield de geest van velen. Verschillende pogingen van diverse aard verschenen om dergelijke oplossingen aan te bieden. Er werden vele boeken geschreven die de maatschappelijke oplossing demonstreerden en er werden wijzigingen aangebracht in de wetten van de sharia-rechtbanken en kiesstelsels. Velen probeerden hun visies toe te passen op hun gezinnen in termen van hun vrouwen, zussen en dochters. Er werden veranderingen aangebracht in het schoolsysteem met betrekking tot het mengen van jongens en meisjes. Zo bleven deze pogingen verschijnen in deze en soortgelijke gedaanten. Geen van hen slaagde er echter in een oplossing te vinden, of kwam met een systeem of vond een methode om datgene te implementeren wat zij als hervorming (Islah) beschouwden. Dit komt doordat de kwestie van de relatie tussen de twee geslachten onduidelijk werd in de geest van veel moslims. Zij waren niet in staat te begrijpen op welke wijze de twee geslachten met elkaar kunnen samenwerken, ook al vloeit het welzijn (Salah) van de moslimgemeenschap (Ummah) voort uit deze samenwerking. Zij waren volkomen onwetend over de gedachten en regels van de Islam die betrekking hebben op de ontmoeting tussen de man en de vrouw. Dit leidde ertoe dat zij discussieerden en debatteerden over de wijze van behandeling, terwijl zij het onderzoek naar de werkelijkheid ervan vermeden, totdat als gevolg van hun pogingen de angst en verwarring toenamen. Er ontstond een kloof in de samenleving, waardoor de zorg voor het wezen van de Islamitische moslimgemeenschap (Ummah) groeide, in haar hoedanigheid als een Ummah met duidelijke kenmerken. Men vreesde dat het moslimhuishouden zijn Islamitische karakter zou verliezen, en dat het moslimgezin de leiding van de gedachten van de Islam zou verliezen en zou afwijken van het waarderen van haar regels en gedachten.
The need to unite the family and to ensure its happiness was felt by all Muslims, and the search for a solution to this serious problem occupied the minds of many people. Different attempts of various sorts appeared to present such solutions. Many books were written demonstrating the societal solution and amendments were made to the laws of the Shari'ah courts and electoral systems. Many tried to apply their views on their families in terms of their wives, sisters and daughters. Changes were made to the school system with regards to the mixing of boys and girls. Thus, these attempts continued to appear in these and similar guises. However, none of them could succeed in finding a solution, or come with a system or find a method to implement what they conceived as reform (Islah). This is because the issue of the relationship between the two sexes became obscure in the minds of many Muslims. They were unable to comprehend the way in which the two genders can co-operate with each other, even though the well being (Salah) of the Ummah stems from this co-operation. They were completely ignorant of the thoughts and rules of Islam, which relate to the meeting of the man and the woman. This led them to discuss and debate over the means of treatment, avoiding the study of its reality, until as a consequence of their attempts anxiety and confusion increased. A chasm began to exist in society due to which grew a concern for the entity of the Islamic Ummah, in its capacity as an Ummah with distinct characteristics. It was feared that the Muslim household would lose its Islamic character, and the Muslim family would lose the guidance of the thoughts of Islam, and stray from valuing its rules and thoughts.
Wat de oorzaak van deze verwarring en afwijking van het juiste begrip betreft, deze is toe te schrijven aan de verpletterende aanval van de westerse cultuur. De westerse cultuur heeft ons denken en onze smaak (Dhawq) volledig gedomineerd, en onze concepten (Mafahim) over het leven, de criteria (Maqayees) voor zaken en onze overtuigingen (Qana'at) veranderd, die voorheen diep in ons geworteld waren, zoals onze zorg voor de Islam en onze verering voor de zaken die wij als heilig beschouwen. Zo was de overwinning van de westerse cultuur op ons allesomvattend – reikend tot alle sectoren van het leven, waaronder het sociale aspect.
As for the cause of this confusion, and deviation from the correct understanding, it is attributable to the crushing onslaught of Western culture. Western culture completely dominated our thinking, tastes (Dhawq), changed our concepts (Mafahim) about life, the criteria (Maqayees) for things and our convictions (Qana'at) which used to be deep rooted within us, such as our concern for Islam and our veneration for the things we hold to be sacred. Thus, the victory of western culture over us was comprehensive - encompassing all sectors of life amongst which was the social aspect.
Dit gebeurde omdat toen de westerse cultuur opkwam in moslimlanden, samen met haar materiële vormen en materialistische vooruitgang, velen erdoor betoverd werden. Gevolglik probeerden zij deze cultuur te adopteren omdat die materiële vormen, geproduceerd door de volgelingen en voorstanders van deze cultuur, werden gezien als een teken van vooruitgang. Daarom probeerden zij de westerse cultuur na te bootsen zonder onderscheid te maken tussen deze westerse cultuur en haar materiële vormen. Zij begrepen niet dat cultuur een reeks concepten over het leven en een specifieke levenswijze vormt, terwijl beschaving (Madaniyya) de materiële vormen, of tastbare objecten in het leven, aanduidt, ongeacht de concepten over het leven of de levenswijze. Zij realiseerden zich niet dat de westerse cultuur was gebouwd op een basis die in strijd is met de basis van de islamitische cultuur, en dat zij verschilt van de islamitische cultuur in haar perspectief op het leven en haar begrip van geluk (Sa'ada), waarna de mens streeft om te bereiken. Het onvoorstelbare van de islamitische moslimgemeenschap (Ummah) die overneemt van de westerse cultuur was voor hen niet duidelijk. Ook niet het feit dat het voor geen enkele gemeenschap binnen de islamitische moslimgemeenschap (Ummah), in welk land dan ook, mogelijk is om deze cultuur te adopteren en deel te blijven uitmaken van de islamitische moslimgemeenschap (Ummah) of om te blijven worden omschreven als een moslimgemeenschap.
This happened because when the western culture emerged in Muslims countries, together with its material forms and materialistic advancements, many were dazzled by it. Consequently they tried to adopt this culture because those material forms, produced by the followers and advocates of this culture, were seen as a sign of progress. That is why they tried to imitate western culture without distinguishing between this western culture and its material forms. They did not comprehend that culture constitutes a set of concepts about life and a specific way of living while civilisation (Madaniyya) denotes the material forms, or tangible objects, in life, irrespective of concepts about life or the way of living. They did not realise that western culture was founded upon a basis which contradicts the basis of Islamic culture, and that it differs from the Islamic culture in its perspective about life and its understanding of happiness (Sa'ada), for which man strives to achieve. The inconceivability of the Islamic Ummah taking from western culture was not apparent to them. Nor was the fact that it is not possible for any community of the Islamic Ummah, in any country, to adopt this culture and remain part of the Islamic Ummah or to continue to be described as a Muslim community.
Hun gebrek aan bewustzijn over het intrinsieke verschil tussen de islamitische en de westerse culturen leidde tot overdracht en imitatie. Veel moslims probeerden de westerse cultuur over te dragen zonder deze te begrijpen, zoals degene die een boek kopieert door zichzelf te beperken tot enkel het overschrijven van woorden en letters. Sommigen begonnen de westerse cultuur te imiteren door hun concepten en criteria over te nemen zonder na te denken over de effecten en gevolgen van een dergelijke overname. Deze mensen merkten op dat vrouwen in westerse samenlevingen naast mannen stonden zonder onderscheid en zonder oog voor de gevolgen die dit met zich mee zou brengen. Ze merkten ook op dat de materiële vormen zichtbaar waren in de westerse vrouw en dat zij deze manifesteerde, dus imiteerden zij haar of probeerden zij haar na te bootsen zonder te beseffen dat deze vormen overeenkwamen met de westerse cultuur, haar concepten over het leven en haar weergave van het leven, welke in strijd zijn met de cultuur van de islam, haar concepten over het leven en haar weergave van het leven. Zij deden dit zonder de minste overweging voor wat deze vormen in haar en door haar manifesteerden, en wat zij met zich meebrachten in termen van kwesties. Ja, zij waren hiervan getuige en geloofden daarom dat moslimvrouwen naast mannen in de samenleving zouden moeten staan en met hen zouden omgaan, ongeacht de gevolgen. Zij dachten dat westerse materiële vormen zichtbaar moesten zijn in de moslimvrouw, en dat zij westerse materiële vormen moest manifesteren, ongeacht wat zij met zich meebrachten in termen van problemen en kwesties. Daarom riepen zij op tot het veiligstellen van de persoonlijke vrijheid van de moslimvrouw en het verlenen van het recht aan haar om te doen wat zij wenste. Als gevolg hiervan riepen zij op tot de vermenging van mannen en vrouwen, zelfs wanneer daar geen behoefte aan was, en riepen zij op tot het tonen van de vrouwelijke aantrekkingskracht (Tabarruj) en schoonheid (Zeena) door vrouwen, en tot het bekleden van machtsposities door vrouwen. Zij zagen dit als vooruitgang en als een teken van herleving.
Their lack of awareness of the intrinsic difference between the Islamic and Western cultures led to transference and imitation. Many Muslims attempted to transfer western culture without understanding it, like the one who copies a book restricting Himself just to the writing of words and letters. Some began to imitate western culture by adopting their concepts and criteria without reflecting on the effects and consequences of such adoption. These people noticed that women in western societies stood alongside men without differentiation and without concern for the consequences that would entail. They also noticed that the material forms were manifested in western woman and she manifested them, so they imitated her or tried to imitate her without realising that these forms agreed with the western culture, its concepts about life, and its depiction of life which contradict with the culture of Islam, its concepts about life, and its depiction of life. They did this without the slightest consideration for what these forms manifested in her and by her, and what they entailed in terms of issues. Yes, they witnessed this and consequently believed that Muslim women should stand alongside men in society and meet with them, regardless of the consequences. They thought that western material forms should be manifested in Muslim woman, and she should manifest western material forms, irrespective of what they entailed in terms of problems and issues. Therefore, they called for securing the personal freedom of Muslim woman and granting her the right to do whatever she wished. As a result of this they called for the mixing of men and women even when a need did not exist, and they called for women to reveal their charms (Tabarruj) and beauty (Zeena), and for women to take up positions of ruling. They viewed this as progress and as a sign of revival.
Wat de zaken erger maakte, was dat de imitatoren zichzelf volledige vrijheid gaven op het gebied van persoonlijke vrijheid, totdat een vrouw rechtstreeks contact opnam met een man, enkel om het contact zelf en voor het genot van persoonlijke vrijheid. Dit gebeurde zonder een reden die contact noodzakelijk maakte, en zonder de behoefte in de samenleving aan een dergelijke vermenging. Dit contact tussen de seksen werd gemaakt om het sociale leven te leiden en louter voor het genot van persoonlijke vrijheid. Het kwade effect dat deze factie van imitatoren, die zich aan het toepassen van dergelijke ideeën had begonnen, had, was dat de relatie tussen een man en een vrouw uitsluitend beperkt werd tot een man-vrouw-relatie. Het kwade effect van deze factie verspreidde zich naar de andere facties in de samenleving. Dit contact produceerde geen enkele vorm van samenwerking tussen mannen en vrouwen in welke sector van het leven dan ook. Integendeel, wat eruit voortvloeide was moreel verval, zoals vrouwen die hun charme en versieringen toonden aan mensen buiten hun echtgenoten of mahram-mannen. Onder de moslims waren andere gevolgen de afwijking van de juiste manier van denken, corruptie in hun smaak, wantrouwen en de vernietiging van de criteria (voor handelingen). Het sociale aspect in het Westen werd als het ideale model genomen en de westerse samenleving werd als maatstaf (Miqyas) genomen, zonder rekening te houden met het feit dat de westerse samenleving niet geeft om seks buiten het huwelijk en daarin geen schande, laster of schending van het juiste en aanvaardbare gedrag ziet, noch enige schending of bedreiging voor de moraal. Zij deden dit zonder op te merken dat de moslimsamenleving hier fundamenteel mee oneens is en het er volledig mee in strijd is. Dit komt doordat de islamitische samenleving de relatie buiten het huwelijk beschouwt als een van de zware zonden (Kaba'ir) waarvoor een zware straf bestaat; hetzij geseling, hetzij steniging. Het beschouwt degene die deze zonde begaat ook als een paria, en een afwijkende die met afschuw en minachting wordt bekeken. Het beschouwt dit eveneens als een axioma dat eer beschermd moet worden en het is een van de kwesties die niet openstaat voor discussie of debat, een kwestie waarvoor rijkdom en levens bereidwillig en met ijver moeten worden opgeofferd, zonder enige excuses.
What made things worse was that the imitators gave themselves complete free reign over personal freedom, until a woman would directly contact a man just for the sake of contact and for the enjoyment of personal freedom. This was without a reason which necessitated contact, and without the need in society for such mixing. This contact between the sexes was made for the sake of socialising and merely for the enjoyment of personal freedom. The evil effect that this faction of imitators who embarked on applying such ideas had was that the relationship between a man and a woman became solely restricted to a male-female relationship. The evil effect of this faction, spread to the other factions in society. This contact did not produce any form of co-operation between men and women in any sector of life. On the contrary what resulted from it was moral degeneration, such as women displaying their charms and adornment to people other than their husbands or mahram men. Amongst Muslims other results were the deviation from the correct way of thinking, corruption in their taste, mistrust and destruction of the criteria (for actions). The social aspect in the West was taken as the ideal model and western society was taken as a benchmark (Miqyas) without considering the fact that western society does not care about extra-marital sex and does not see in it any shame, defamation or breach of the correct and acceptable behaviour, nor any violation or threat to morality. They did this without noticing that Muslims society fundamentally disagrees with it and completely contradicts it. This is because the Islamic society considers the extra-marital relationship as one of the grave sins (Kaba'ir) for which there is severe punishment; either flogging or stoning to death. It also considers the one who commits this sin as an outcast, and a deviant who is looked upon with loathing and contempt. It as well, sees it as axiomatic that honour should be protected and it is one of the issues that is not open to discussion or debate, an issue for the defence of which wealth and lives should be sacrificed willingly and with zeal, without any excuses.
Inderdaad, deze overdragers en imiteerders hielden geen rekening met het verschil tussen de twee samenlevingen en de enorme ongelijkheid tussen de twee posities, net zoals zij geen rekening hielden met wat het islamitische leven hen oplegde en wat de regels van de sharia van hen eisten. Zij haastten zich onbezonnen in het streven naar overdracht en imitatie, totdat de roep om de heropleving van de vrouw zich kleedde in liederlijkheid (Ibahiyyah) en onverschilligheid tegenover de karakterisering van moreel verwerpelijke gedragingen. Op deze wijze bleven deze overdragers en imiteerders het sociale aspect in het leven van moslims te vernietigen in de naam van het heropleven van vrouwen en onder het voorwendsel van het werken aan de heropleving van de moslimgemeenschap (Ummah). In het begin waren dergelijke mensen echter een minderheid en de moslimgemeenschap (Ummah) accepteerde hun oproep aanvankelijk niet. Nadat het kapitalistische systeem werd geïmplementeerd in de landen van de moslims en zij werden geregeerd door de ongelovige kolonisten en vervolgens door hun agenten die blindelings hun richting volgden, was de minderheid in staat om invloed uit te oefenen en de meeste mensen in de steden, en sommige van de inwoners van de dorpen, te bewegen het pad te volgen dat zij hadden ingeslagen. Zo begonnen zij de westerse cultuur over te nemen en te imiteren, totdat het islamitische karakter uit vele delen van de steden van moslims was gewist. Er was geen verschil tussen Istanbul en Cairo of tussen Tunis en Damascus. Evenmin was er een verschil tussen Karachi en Baghdad of Al-Quds en Beirut. Allen bewandelden zij het pad van het overnemen en imiteren van de westerse cultuur.
Indeed, those transferors and imitators did not consider the difference between the two societies and the huge disparity between the two positions just as they did not consider what the Islamic life made incumbent on them and what the Shari'ah rules demanded of them. They rushed headlong in the pursuit of transference and imitation until the call for woman's revival dressed with licentiousness (Ibahiyyah) and indifference to the characterisation of morally reprehensible behaviour. In this manner those transferors and imitators continued to destroy the social aspect in Muslims life in the name of reviving women and under the pretext of working to revive the Ummah. However, in the beginning, such people were a minority and the Ummah did not initially accept their call. After the capitalist system was implemented in the Muslims countries and they were ruled by the disbelieving colonialists and then by their agents who followed their direction blindly, the minority was able to influence and bring most people in the cities, and some of the inhabitants of the villages, to proceed along the path they had taken. So they started to transfer from and imitate western culture until the Islamic character was erased from many quarters of Muslims cities. There was no difference between Istanbul and Cairo or between Tunis and Damascus. Nor was there a difference between Karachi and Baghdad or Al- Quds and Beirut. All of them proceeded on the path of transferring and imitating western culture.
Het was natuurlijk dat een groep onder de moslims opstond en vocht tegen deze gedachten. Het was onvermijdelijk dat een groot aantal mensen uit de moslimlanden zich ermee zou bezighouden om deze ideeën te bestrijden. Zo werden er groepen, of liever gezegd groepen, gevormd die opriepen tot de plicht om moslimvrouwen te beschermen en de deugden in de samenleving te waarborgen. Zij deden dit echter zonder de systemen van de islam te begrijpen en zonder dat de regels van de sharia voor hen duidelijk waren. Zij accepteerden rente (Maslahah), zoals door het verstand waargenomen, als basis voor studie en als criterium voor het beoordelen van ideeën en zaken. Zij riepen ook op tot het behoud van gebruiken en tradities. Zij riepen mensen op om vast te houden aan moraal, zonder te begrijpen dat de basis de islamitische geloofsleer (Aqeedah) is en dat het criterium de regels van de sharia zijn. Blind fanatisme met betrekking tot de Hijab van vrouwen bereikte een punt waarop zij beperkingen voor vrouwen bepleitten, hen geen toestemming gaven om hun huis te verlaten, of om hun behoeften te vervullen, of om zaken zelfstandig na te streven. Latere rechtsgeleerden (Fuqaha) schreven vijf (soorten) 'Awrah toe aan vrouwen: 'Awrah tijdens het gebed, 'Awrah in aanwezigheid van mannelijke Mahrams, 'Awrah in aanwezigheid van vreemde (niet-Mahram) mannen, 'Awrah tussen andere moslimvrouwen en 'Awrah tussen niet-moslimvrouwen. Volgens dit riepen zij op tot de totale segregatie (Hijab) van vrouwen, waardoor zij werden verhinderd om iemand te zien of door iemand gezien te worden. Zij riepen op tot het weren van de vrouw bij het uitoefenen van levensactiviteiten. Zo stelden zij dat zij verboden zou moeten worden haar stemrecht uit te oefenen door haar uit te sluiten van het vormen van een mening over politiek, bestuur, economie of de samenleving. Zo stonden zij tussen haar en het leven in, totdat zij dachten dat sommige verzen waren neergekomen om mannen aan te spreken met uitsluiting van vrouwen. Zij gaven de overlevering (Hadith) van de Profeet ﷺ over het schudden van de hand van een vrouw tijdens de Bay’a, zijn overleveringen (Ahadith) over de 'Awrah van vrouwen en zijn maatschappelijke transacties (Mu’amalat) met vrouwen, met interpretaties die overeenkwamen met wat zij voor vrouwen beoogden en niet met wat vereist werd door de islamitische (Shar’i) rechtsregel (Hukm).
It was natural for a group from amongst the Muslims to rise up and struggle against these thoughts. It was inevitable that a great number of people from the Muslims countries would set about to fight these ideas. So a group or rather groups were formed which called for the obligation of protecting Muslim women and safeguarding the virtues in society. However, they did this without understanding the systems of Islam nor were the Shari'ah rules clear to them. They accepted interest (Maslaha), as perceived by the mind, as a basis for study and as a criterion for judging ideas and matters. They also called for the preservation of customs and traditions. They called people to hold on to morals, without comprehending that the basis is the Islamic 'Aqeedah and that the criterion is the Shari'ah rules. Blind fanaticism concerning the Hijab of women reached the point where they advocated restrictions over women, not giving them permission to leave their house, or to undertake the fulfilment of their needs, or pursue matters themselves. Late jurists (Fuqaha) ascribed five (types) of 'Awrah to women: 'Awrah in prayer, 'Awrah when in the presence of male Mahrams, 'Awrah when in the presence of foreign (non Mahram) men, 'Awrah when amongst other Muslim women and 'Awrah amongst non-muslim women. According to this they called for the total segregation (Hijab) of women preventing them from seeing or being seen by anyone. They called for barring the woman from pursuing life's activities. So they maintained that she should be banned from practising her right to vote by excluding her from holding an opinion about politics, ruling, economics or society. So they stood between her and life until they thought that some verses had come to address men to the exclusion of women. They gave the Hadith of the Prophet (pbuh) about his (pbuh) shaking the hands of woman in the Bay’a, his Ahadith about the 'Awrah of women and his (pbuh) societal transactions (Mu’amalat) with women, interpretations that agreed with what they intended for women and not what was required by the Hukm Shar'i.
Zo diende dit alles om mensen weg te houden van de sharia-regels en het aspect van het sociale systeem in de geest van de moslims te vertroebelen. Gevolgelijk waren hun visies niet in staat om stand te houden tegenover aanvallende gedachten, of de overweldigende stroom van westerse ideeën te stuiten, of zelfs maar het kleinste effect te hebben op het verheffen van de aspecten van het sociale systeem onder de moslims. Dit gebeurde ondanks de aanwezigheid van geleerden in de moslimgemeenschap (Ummah), die behoren tot de voornaamste zelfstandig rechtsgeleerden (Mujtahidin) en geleerden van mazahib in termen van hun kennis en geleerdheid, en ondanks de aanwezigheid van een intellectuele en wetgevende rijkdom tot beschikking van moslims die ongeëvenaard is in vergelijking met de rijkdom van enige andere natie. Dit gebeurde ondanks de overvloed aan boeken en waardevolle werken in het bezit van moslims in hun publieke en private bibliotheken. Al dit had geen effect op het tegenhouden van hen die erop uit waren om over te nemen en na te bootsen vanuit hun dwaling, of op het overtuigen van de kleinziers van de islamitische mening die correct was afgeleid door een zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid), zolang deze maar in strijd was met wat zij wilden dat vrouwen deden. Dit komt doordat dergelijke mensen aan beide zijden, onder de volgelingen, de kleinziers, de geleerden en de geschoolden, ver verwijderd waren van de beschrijving van denkers. Zij begrepen de realiteit niet, of zij begrepen de rechtsregel (Hukm) van Allah (SWT) niet. Zij bestudeerden de sharia-regels niet intellectueel door ze nauwkeurig toe te passen op de realiteit, zodat ze in volledige overeenstemming ermee zouden zijn. Hierdoor bleef de samenleving in moslimlanden schommelen tussen twee begrippen: navolging (Taqlid) en rigide kleinziendheid (Jumud). Het sociale aspect bleef in een verwarde staat totdat de moslima verward raakte. Aan de ene kant stond zij tussen vrouwen die angstig en verward waren, die elementen uit de westerse samenleving overnamen zonder deze te begrijpen en zonder zich bewust te zijn van de realiteit ervan, of de tegenstrijdigheid te kennen die bestond tussen die samenleving en de islamitische cultuur; en aan de andere kant tussen beperktziende vrouwen die noch zichzelf voordeel brachten, noch hun aanwezigheid de moslims ten goede kwam. Dit alles was te wijten aan een tekortkoming in het intellectueel bestuderen van de islam en het niet begrijpen van het islamitische sociale systeem.
Thus, all of this served to distance people away from the Shari'ah rules and obscure the aspect of social system in the minds of the Muslims. Consequently, their views were not able to stand in the face of attacking thoughts, or impede the overwhelming flow of western ideas, or have even the slightest effect in elevating the aspects of the social system amongst the Muslims. This happened inspite of the existence of scholars in the Ummah, who are of the foremost Mujtahidin and scholars of mazahib in terms of their knowledge and erudition, and in spite of the existence of an intellectual and legislative wealth at the disposal of Muslims which is unparalleled compared to any other wealth of any other nation. This occurred inspite of the abundance of books and valuable works in the possession of Muslims in their public and private libraries. All of this had no effect in holding back those bent on transferring and imitating from their error, or in convincing the narrow minded, of the Islamic opinion which had been derived correctly by a mujtahid, as long as it disagreed with what they wanted women to do. This is because such people on both sides, amongst the imitators, the narrow minded, the scholars and the educated were far from being described as thinkers. They did not understand the reality, or they didn't understand the Hukm of Allah (swt). They did not study the Shari'ah rules intellectually by accurately applying them to the reality so as to be in full agreement with it. Due to this, the society in Muslims countries continued to oscillate between two notions: imitation (Taqleed) and rigid narrow mindedness (Jumud). The social aspect continued in a confused state until the Muslim woman became bewildered. She stood between on one side women who were anxious and confused, taking from western society without understanding it and without being aware of its reality, or knowing the contradiction that existed between it and the Islamic culture; and narrow minded women who did not benefit themselves, nor did their presence benefit the Muslims on the other side. All of this was due to a failure in studying Islam intellectually and not understanding the Islamic social system.
Daarom moeten we het islamitische sociale systeem omvattend bestuderen. We moeten het diepgaand bestuderen totdat wordt ingezien dat het probleem de ontmoeting tussen de man en de vrouw is, en de relatie die voortvloeit uit hun ontmoeting en datgene wat uit deze relatie voortkomt. En dat wat vereist is, de behandeling is van deze ontmoeting, de daaruit voortvloeiende relatie en datgene wat daaruit voortvloeit. Er moet worden begrepen dat deze oplossing niet door het verstand wordt gedicteerd, maar door de Shar’a. Wat het verstand betreft, zijn rol is om de oplossing te begrijpen, namelijk dat de oplossing is voor moslimmannen en -vrouwen die een specifieke levensstijl leiden, zijnde de levensstijl die Allah (SWT) hen heeft verplicht te leiden. Zij zijn zonder twijfel verplicht hun leven uitsluitend te beperken tot deze levensstijl, zoals Allah (SWT) heeft bevolen in de Qur'an en de profetische traditie (Sunnah), ongeacht of dit in strijd is met het Westen of afwijkt van de gebruiken en tradities van hun eigen vaders en voorvaderen.
Therefore, we must study the Islamic social system comprehensively. We must study it deeply until it is realised that the problem is the meeting between the man and the woman and the relationship that results from their meeting and that which branches out from this relationship. And that what is required is the treatment of this meeting and the resultant relationship and that which branches out from it. It should be understood that this solution is not dictated by the mind but by the Shar’a. As for the mind, its role is to understand the solution, that the solution is for Muslim men and women who live a specific lifestyle which is the lifestyle which Allah (swt) has obliged them to live. They are most definitely obliged to restrict their living solely to this lifestyle as Allah (swt) has commanded in the Qur'an and Sunnah irrespective of whether it contradicts with the West or disagrees with the customs and traditions of their own fathers and forefathers.