1.29 Een punt van interesse
1.29 A Point Of Interest
Al-Bayhaqi overleverde in ad-Dala’U dat ‘Abdullah ibn Buraydah zei:
Al-Bayhaqi narrated in ad-Dala’U that cAbdullah ibn Buraydah said:
De Boodschapper van Allah ﷺ stuurde ‘Amr ibn al-‘As op een rooftocht in welke Abu Bakr en ‘Umar aanwezig waren. Toen zij de plaats van de strijd bereikten, zei ‘Amr tegen hen dat zij geen vuur mochten maken. ‘Umar werd boos en wilde naar hem toe gaan, maar Abu Bakr hield hem tegen. Hij vertelde hem dat de Boodschapper van Allah ﷺ hem alleen had aangesteld vanwege zijn kennis van oorlogvoering. Waarna hij (‘Umar) kalm werd.
The Messenger of Allah, may Allah bless him and grant him peace, sent cAmr ibn al-cAs in a raiding party in which were Abu Bakr and cUmar. When they reached the place of the war, cAmr told them not to light a fire. TJmar became angry, and he wanted to come to him, but Abu Bakr forbade him. He told him that the Messenger of Allah, may Allah bless him and grant him peace, only appointed him because of his knowledge of war. So he (cUmar) became calm.
Al-Bayhaqi overleverde dat Abu Macshar overleverde van een van zijn shaykhs dat de Boodschapper van Allah ﷺ zei: ‘Ik heb een man aangesteld als leider over een volk, waaronder iemand is die beter is dan hij, omdat hij waakzamer is voor het oog en scherper in oorlogsvoering.’
Al-Bayhaqi narrated that Abu Macshar narrated from one of his shaykhs that the Messenger of Allah, may Allah bless him and grant him peace, said, ‘I put a man in charge of a people, among whom there is one who is better than him, because he is more alert of the eye and more perceptive about war.’
Sectie
Section
Khalifah ibn Khayyat, Ahmad ibn Hanbal en Ibn Asakir overleverden dat Yazid ibn al-Asamm overleverde dat: De Profeet ﷺ tegen Abu Bakr zei: ‘Ben ik ouder (akbar ook: groter) of jij?’ Hij zei: ‘U bent groter en edeler en ik heb meer jaren dan u.’ Dit is een mursal en een zeer ongebruikelijke traditie. Indien het authentiek is, wordt dit antwoord beschouwd als een bewijs van de hoge graad van zijn intelligentie en hoffelijkheid. Maar het is goed bekend dat dit antwoord werd gegeven door al-Abbas, en dat er soortgelijks iets gebeurde voor Sa'id ibn Yarbuc in deze bewoording: Dat de Boodschapper van Allah ﷺ tegen hem zei: ‘Wie van ons is ouder (akbar)?’ Hij zei: ‘U bent groter en beter dan ik en ik ben ouder.’ Abu Nu'aym overleverde dat er tegen Abu Bakr werd gezegd: ‘Khalief van de Boodschapper van Allah ﷺ, zult u de mensen van Badr niet gezag verlenen?’ Hij zei: ‘Ik ken hun rang, maar ik verwerp het om hen te besmeuren met de wereld.’ Ahmad overleverde in az-Zuhd van Isma'il ibn Muhammad dat Abu Bakr enige eigendommen gelijkmatig onder de mensen verdeelde.
Khalifah ibn Khayyat, Ahmad ibn Hanbal and Ibn cAsakir narrated that Yazid ibn al-Asamm narrated that: The Prophet, may Allah bless him and grant him peace, said to Abu Bakr, Am I older (akbar also: greater) or you?’ He said, ‘You are greater and more noble and I have more years than you.’ This is a mursal and very unusual t radition. If it is authentic this answer is counted as evidence of the high degree of his intelligence and courtesy. But it is well known that this reply was made by al-cAbbas, and that similarly it happened for Sacid ibn Yarbuc in this wording: That the Messenger of Allah, may Allah bless him and grant him peace, said to him, ‘Which of us is older (akbar)?’ He said, ‘You are greater and better than me and I am older.’ Abu Nucaym narrated that it was said to Abu Bakr, ‘Khalifah of the Messenger of Allah, will you not confer authority on the people of Badr?’ He said, ‘I know their rank, but I dislike to sully them with the world.’ Ahmad narrated in az-Zuhd from Ismacil ibn Muhammad that Abu Bakr divided up some property equally among the people.
Tjmar zei tegen hem: ‘Maak je de metgezellen van Badr en anderen gelijk aan elkaar?’ Abu Bakr zei tegen hem: ‘De wereld is slechts een voorziening, en de beste voorziening is de meest overvloedige. Hun verdienste ligt enkel in hun beloning.’
TJmar said to him, ‘Do you make the companions of Badr and other people equal?’ Abu Bakr said to him, ‘The world is only a sufficiency and the best sufficiency is the vastest. Their merit is only in their wages.’
Sectie
Section
Ahmad overleverde in az-Zuhd dat Abu Bakr ibn Hafs zei: Het heeft mij bereikt dat Abu Bakr vastte in de zomer en zijn vast verbrak in de winter.
Ahmad narrated in az-Zuhd that Abu Bakr ibn Hafs said: It has reached me that Abu Bakr used to fast in summertime and break his fast in wintertime.
Ibn Sacd overleverde dat Hayan as-Sa’igh zei: De gravure op de zegelring van Abu Bakr was: ‘Gezegend is Degene die beslist, Allah.’ Opmerking: At-Tabarani overleverde dat Musa ibn cUqbah zei: ‘Wij kennen geen vier die de Profeet ﷺ hebben bereikt, en hun zonen eveneens, behalve deze vier: Abu Quhafah, zijn zoon Abu Bakr as-Siddiq, zijn zoon cAbd ar-Rahman en Abu cAteeq ibn cAbd ar-Rahman wiens naam Muhammad was.’
Ibn Sacd narrated that Hayan as-Sa’igh said: The engraving on the signet ring of Abu Bakr was, ‘Blessed as the One Who Decrees is Allah.’ Note: At-Tabarani narrated that Musa ibn cUqbah said, ‘We don’t know of four who reached the Prophet, may Allah bless him and grant him peace, and their sons as well, except for these four: Abu Quhafah, his son Abu Bakr as-Siddiq, his son cAbd ar-Rahman and Abu cAteeq ibn cAbd ar-Rahman whose name was Muhammad.
Ibn Mandah en Ibn Asakir hebben overgeleverd dat ‘A’ishah, moge Allah tevreden met haar zijn, zei: Geen van de vaders van de emigranten (Muhajirun) werd moslim, behalve die van Abu Bakr.
Ibn Mandah and Ibn cAsakir narrated that CA’ ishah, may Allah be pleased with her, said: None of the Muhajirun s fathers became Muslims except for Abu Bakr’s.
Opmerking: Ibn Sacd en al-Bazzar overleverden met een goede overleveringsketen (Isnad) dat Anas zei: De oudste metgezellen van de Boodschapper van Allah ﷺ waren Abu Bakr as-Siddiq en Suhayl ibn cAmr ibn Bayda’.
Note: Ibn Sacd and al-Bazzar narrated with a good isnad that Anas said: The oldest of the companions of the Messenger of Allah, may Allah bless him and grant him peace, were Abu Bakr as-Siddiq and Suhayl ibn cAmr ibn Bayda’.
Noot: Al-Bayhaqi overleverde in ad-Dala’il dat Asma’ bint Abi Bakr zei: Toen het het jaar van de Overwinning (van Makkah tot de Islam) was
Note: Al-Bayhaqi narrated in ad-Dala’il that Asma’ bint Abi Bakr said: When it was the year of the Opening (of Makkah to Islam)
Een dochter van Abu Quhafah ging naar buiten en de cavalerie kwam haar tegen. Ze droeg een zilveren halsring om haar nek, en een man rukte deze van haar nek af. Toen de Profeet ﷺ de moskee binnenging, stond Abu Bakr op en zei: ‘Ik doe jullie (de moslims) bij Allah en de Islam aan te dringen (om) de halsring van mijn zus (terug te geven).’ Bij Allah, niemand antwoordde hem. Hij zei het een tweede keer en niemand antwoordde hem. Toen zei hij: ‘Zuster, hoop op een beloning (van Allah) voor je halsring, want bij Allah, betrouwbaarheid is tegenwoordig zeer schaars onder de mensen.’ Opmerking: Ik heb in het handschrift van al-Hafidh adh-Dhahabi gezien: