Artikel 10
Article 10
Alle moslims zouden de verantwoordelijkheid voor de Islam moeten dragen. Er zijn geen geestelijken in de Islam en de Staat zou elk teken van hun aanwezigheid onder de moslims moeten verbieden.
All the Muslims should bear the responsibility of Islam. There are no clergymen in Islam and the State should prohibit any sign of their presence among the Muslims.
Hoewel zelfstandig rechtsgeleerden (Mujtahids) geleerden zijn, is niet elke geleerde noodzakelijkerwijs een zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid), aangezien een geleerde ofwel een zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid) ofwel een Muqallid (imitator) kan zijn. Indien de moslim de sharia-regel zou overnemen om daarnaar te handelen, vereist dit enige overweging: als hij de regel overneemt van een zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid), dan zou hij in dit geval de zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid) imiteren. Als hij deze overneemt van een niet-zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid), dan leert hij die regel van de persoon van wie hij deze heeft overgenomen, en imiteert hij hem niet. Echter, indien de moslim de regel zou overnemen om deze te leren, dan leert hij de regel ongeacht of hij deze heeft overgenomen van een zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid) of een niet-zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid). Daarom zijn deze geleerden — of het nu zelfstandig rechtsgeleerden (Mujtahids) zijn of niet — geen geestelijken, aangezien niemand van hen het recht heeft om iets te legitimeren of te verbieden, en zij zijn net als elke andere moslim wat betreft elke afzonderlijke sharia-regel. Niemand van hen zou zichzelf in iets moet onderscheiden van de rest van de moslims met betrekking tot de sharia-regels, ongeacht hoe hoog zijn rang is in termen van kennis, zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) en respect. Dienovereenkomstig wordt wat verboden (Haram) is voor anderen niet toegestaan voor de geleerde, noch wordt hetgeen verplicht (Wajib) is voor anderen aanbevolen (Mandub) voor hem. Hij is eerder als elke andere individuele moslim. Daarom bestaat het idee van geestelijken dat door christenen wordt vastgehouden niet in de islam. Het concept van geestelijken is specifiek voor christenen, omdat een geestelijke voor hen regels legitimeert en verbiedt. Het toeschrijven van een dergelijke term aan de moslimgeleerde zou daarom de indruk kunnen wekken dat het christelijke concept aan de moslimgeleerden wordt toegeschreven, ondanks het feit dat moslimgeleerden niets toestaan en ook niets verbieden. Het is daarom niet passend om de term geestelijke toe te schrijven aan een moslimgeleerde.
Although Mujtahids are scholars, however not every scholar is necessarily a Mujtahid since a scholar could either be a Mujtahid or a Muqallid (imitator). If the Muslim were to take the Shari’ah rule in order to act upon, then, it requires some consideration: if he took the rule from a Mujtahid, he in this case would be emulating the Mujtahid. If he took it from a non-Mujtahid, he would be learning that rule from the person he had taken it from, and he would not be emulating him. However, if the Muslim was to take the rule in order to learn it, he would be learning the rule irrespective of whether he took it from a Mujtahid or a non Mujtahid. Therefore, these scholars - whether Mujtahids or otherwise - are not clergymen since none of them has any right to legitimise or prohibit anything and they are just like any other Muslim regarding every single Shari’ah rule. None of them should distinguish himself from the rest of the Muslims in anything with regards to the Shari’ah rules regardless of how high his rank is in terms of knowledge, Ijtihad and respect. Hence, what is Haram for others does not become allowed for the scholar and nor does the Wajib upon others become Mandub (recommended) for him. He is rather like any other individual Muslim. Therefore, the idea of clergymen held by Christians has no existence in Islam. The concept of clergymen is specific to Christians because a clergyman does legitimise and prohibit rules to them. Thus, attributing such a term to the Muslim scholar might give the impression of attributing the Christian concept to the Muslim scholars despite the fact that Muslim scholars do not allow and nor do they prohibit anything. Therefore, it is not fitting to attribute the term of clergyman to a Muslim scholar.
Er zijn expliciete overleveringen die het nabootsen van christenen en joden verbieden. Abu Sa’id Al-Khudri overleverde dat de Boodschapper van Allah ﷺ zei:
There are explicit narrations prohibiting the emulation of Christians and Jews. Abu Sa’id Al-Khudri narrated that the Messenger of Allah (pbuh) said:
. لَتَتَّبِعُنَّ سَنَنَ الَّذِينَ مِنْ قَ بْلِكُمْ شِبْ رًا بِشِبْرٍ وَذِرَاعًا بِذِرَاعٍ ، حَتَّى لَوْ دَخَلُوا فِي « » جُحْرِ ضَبٍّ لاَتَّ بَ عْتُمُوهُمْ، قُ لْنَا: يَا رَسُولَ اللَّهِ، آلْيَ هُودَ وَالنَّصَارَى؟ قَالَ: فَمَنْ .
. لَتَتَّبِعُنَّ سَنَنَ الَّذِينَ مِنْ قَ بْلِكُمْ شِبْ رًا بِشِبْرٍ وَذِرَاعًا بِذِرَاعٍ ، حَتَّى لَوْ دَخَلُوا فِي « » جُحْرِ ضَبٍّ لاَتَّ بَ عْتُمُوهُمْ، قُ لْنَا: يَا رَسُولَ اللَّهِ، آلْيَ هُودَ وَالنَّصَارَى؟ قَالَ: فَمَنْ .
“Jullie zouden hetzelfde pad bewandelen als datgene wat is bewandeld door hen die vóór jullie waren, duimbreed en stap voor stap, zelfs als zij het hol van een hagedis zouden binnengaan, zouden jullie hen daarin volgen. Wij zeiden: De Boodschapper van Allah ﷺ, bedoelt u met uw woorden 'hen die vóór jullie waren' de Joden en de Christenen? Hij zei: Wie anders (dan die twee religieuze groepen)?” (Overeengekomen, met de woorden van Muslim) Deze overlevering is uitgesproken in de context van een verbod. Daarom is de nabootsing van de Joden en de Christenen — zoals het is — verboden, laat staan als deze nabootsing zou leiden tot het genereren van een concept van ongeloof (Kufr) onder de moslims. Het beschouwen van de moslimgeleerde als een geestelijke is een nabootsing van de Christenen die hun geleerden als geestelijken beschouwen, en het draagt ook het Christelijke concept van de geestelijke over naar de moslimgeleerde; daarom is het strikt verboden in termen van nabootsing en wordt het geclassificeerd als nog strikter verboden in termen van het introduceren van het concept. Het zou daarom onjuist zijn om de moslimgeleerde een geestelijke te noemen, en het is voor de geleerden verboden zichzelf als geestelijken te beschouwen volgens het Christelijke concept van de geestelijke. Indien iemand wordt betropt op het claimen hiervan volgens het genoemde begrip, zal hij verboden en gestraft worden aangezien hij een verboden handeling heeft gepleegd. Daarnaast maakte de Profeet ﷺ geen onderscheid met de metgezellen wat betreft een specifieke kleding of verschijning. Al-Bukhari rapporteerde in zijn Sahih van Anas Bin Malik die zei: فِي الْمَسْجِدِ، دَخَلَ رَجُلٌ عَلَى جَمَلٍ بَ يْ نَمَا نَحْنُ جُلُوسٌ مَعَ النَّبِيِّ « مُتَّكِئٌ بَ يْنَ فَأَنَاخَهُ فِي الْمَسْجِدِ ثُمَّ عَقَلَهُ، ثُمَّ قَالَ لَهُمْ: أَيُّكُمْ مُحَمَّدٌ ؟ - وَالنَّبِيُّ ظَهْرَانَ يْهِمْ - فَ قُلْنَا: هَذَا الرَّجُلُ الأَب يَضُ الْمُتَّكِئُ. فَ قَالَ لَهُ الرَّجُلُ: يَا ابْنَ عَبْدِ الْمُطَّلِبِ، »... قَدْ أَجَبْ تُكَ فَ قَالَ لَهُ النَّبِيُّ .
“You would tread the same path as was trodden by those before you inch by inch and step by step so much so that if they had entered into the hole of the lizard, you would follow them in this also. We said: Allah's Messenger, do you mean Jews and Christians (by your words)" those before you"? He said: Who else (than those two religious groups)?” (Agreed upon with the words from Muslim) This narration has been said within the context of prohibition. Hence, the emulation of the Jews and the Christians is - as it stands - prohibited, let alone if this emulation were to lead to the generating of a Kufr concept among the Muslims. Considering the Muslim scholar as a clergyman is an emulation of the Christians who regard their scholars as clergymen and it also transfers the Christian concept of clergyman to the Muslim scholar; therefore, it is strictly prohibited in terms of emulation and it is classified as even more strictly prohibited in terms of introducing the concept. Therefore, it would be wrong to refer to the Muslim scholar as a clergyman and it is forbidden for the scholars to consider themselves as clergymen according to the Christians’ concept of clergyman. If someone was found claiming this according to the understanding mentioned, he will be prohibited and punished since he will have committed a prohibited act. In addition, the Prophet (pbuh) did not differentiate from the companions in terms of a specific dress or appearance. Al-Bukhari reported in his Sahih from Anas Bin Malik who said: فِي الْمَسْجِدِ، دَخَلَ رَجُلٌ عَلَى جَمَلٍ بَ يْ نَمَا نَحْنُ جُلُوسٌ مَعَ النَّبِيِّ « مُتَّكِئٌ بَ يْنَ فَأَنَاخَهُ فِي الْمَسْجِدِ ثُمَّ عَقَلَهُ، ثُمَّ قَالَ لَهُمْ: أَيُّكُمْ مُحَمَّدٌ ؟ - وَالنَّبِيُّ ظَهْرَانَ يْهِمْ - فَ قُلْنَا: هَذَا الرَّجُلُ الأَب يَضُ الْمُتَّكِئُ. فَ قَالَ لَهُ الرَّجُلُ: يَا ابْنَ عَبْدِ الْمُطَّلِبِ، »... قَدْ أَجَبْ تُكَ فَ قَالَ لَهُ النَّبِيُّ .
“Een man kwam de moskee binnen op een kameel en liet hem knielen, en bond vervolgens zijn been met een touw. Hij vroeg toen: Wie onder jullie is Muhammad? De Boodschapper van Allah ﷺ zat leunend op iets tussen hen. Wij zeiden tegen hem: Deze witte (man) die daar leunt. De man zei: O zoon van ‘Abd Al-Muttalib. De Profeet ﷺ zei: Ik heb reeds aan je geantwoord.” Om deze redenen is dit Artikel opgesteld.
“A man entered the mosque on camel and made it kneel down, and then tied his leg with rope. He then asked: Who among you is Muhammad? The Messenger of Allah (pbuh) was sitting leaning upon something among them. We said to him: This white (man) who is leaning. The man said: O son of ‘Abd Al-Muttalib. The Prophet (pbuh) said; I already responded to you.” For these reasons, this Article has been drafted.