Artikel 9
Article 9
Zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) is een collectieve plicht en elke moslim behoudt zich het recht voor om zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) uit te voeren, mits hij aan alle vereisten voldoet.
Ijtihad is a duty of sufficiency and every Muslim reserves the right to perform Ijtihad provided he meets all its prerequisites.
De islamitische sharia heeft zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) – om de sharia-regels af te leiden uit de aanspraak van de Wetgever – een plicht gemaakt voor de moslims, oftewel uit de sharia-teksten die door Allah (SWT) aan de Boodschapper van Allah ﷺ zijn geopenbaard. Het feit dat zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) een plicht is, is bevestigd door verschillende overleveringen. De Boodschapper van Allah ﷺ zei:
The Islamic Shari’ah has made Ijtihad to deduce the Shari’ah rules from the address of the Legislator – i.e. from the Shari’ah texts which are revealed by Allah (swt) to the Messenger of Allah (pbuh) - an obligation upon the Muslims. The fact that Ijtihad is an obligation has been confirmed through several narrations. The Messenger of Allah (pbuh) said:
. إِذَا حَكَمَ الْحَاكِمُ فَاجْتَ هَدَ ثُمَّ أَصَابَ فَ لَهُ أَجْرَانِ، وَإِذَا حَكَمَ فَاجْتَ هَدَ ثُمَّ « » أَخْطَأَ ف لَهُ أَجْرٌ .
. إِذَا حَكَمَ الْحَاكِمُ فَاجْتَ هَدَ ثُمَّ أَصَابَ فَ لَهُ أَجْرَانِ، وَإِذَا حَكَمَ فَاجْتَ هَدَ ثُمَّ « » أَخْطَأَ ف لَهُ أَجْرٌ .
“Wanneer een rechter zijn oordeelsvermogen gebruikt en tot een juiste beslissing komt, zal hij een dubbele beloning ontvangen, maar wanneer hij zijn oordeelsvermogen gebruikt en een fout maakt, zal hij een enkele beloning ontvangen.” (overeengekomen via Amru Bin Al-Aas). Hij zei ook:
“When a judge utilizes his skill of judgement and comes to a right decision, he will have a double reward, but when he uses his judgement and commits a mistake, he will have a single reward.” (agreed upon through Amru Bin Al-Aas). He also said:
. » وَرَجُلٌ قَضَى لِلنَّاسِ عَلَى جَهْلٍ فَ هُوَ فِي النَّارِ «.
. » وَرَجُلٌ قَضَى لِلنَّاسِ عَلَى جَهْلٍ فَ هُوَ فِي النَّارِ «.
“en een man die mensen oordeelt zonder kennis, hij is in het Vuur van de Hel” (overgeleverd door de verzamelaars van de Sunan, Al-Hakim en Al-Tabarani met een Sahih-keten). Dit bevestigt dat de rechter bekend moet zijn met waarover hij oordeelt. Er is ook overgeleverd dat hij tegen Ibn Mas’ud zei:
“and a man judged people without knowledge, he is in Hell fire” (transmitted by the compilers of the Sunan and Al- Hakim and Al-Tabarani with a Sahih chain). This confirms that the judge must be acquainted with what he judges on. It is also reported that he said to Ibn Mas’ud:
. اقْضِ بِالْكِتَابِ وَالسُّ نَّةِ إِذَا وَجَدْتَ هُمَا، فَإِذَا لَمْ تَجِدِ الحُكْمَ فِيهِمَا فَاجْتَهِدْ « » رَأْيَكَ .
. اقْضِ بِالْكِتَابِ وَالسُّ نَّةِ إِذَا وَجَدْتَ هُمَا، فَإِذَا لَمْ تَجِدِ الحُكْمَ فِيهِمَا فَاجْتَهِدْ « » رَأْيَكَ .
"Oordeel naar het Boek en de profetische traditie (Sunnah) waar je de uitspraak daarin vindt, en als je de uitspraak niet daarin vindt, doe dan zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad)", zoals vermeld door Al-Amidi in Al-Ahkam en Al-Razi in Al-Mahsul. Hij zei tegen Mu’ath en Abu Moussa Al-Ash’ari toen hij hen op het punt stond naar Yemen te sturen:
Judge by the Book and the Sunnah wherever you find (the ruling) in them, and if you don’t find the ruling in them, then do Ijtihad (use your judgement)” as mentioned by Al- Amidi in Al-Ahkam and Al-Razi in Al-Mahsul. He said to Mu’ath and Abu Moussa Al-Ash’ari when he was about to dispatch them to Yemen:
. بِمَ تَ قْضِيَانِ ؟ فَ قَالاَ: إِنْ لَمْ نَجْدِ الْحُكْمَ فِي الْكِتَابِ وَالسُّ نَّةِ قِسْ نَا الأَمْرَ « » بِالأَمْرِ، فَمَا كَانَ أَقْ رَبَ إِلَى الحَقِّ عَمِلْنَا بِه .
. بِمَ تَ قْضِيَانِ ؟ فَ قَالاَ: إِنْ لَمْ نَجْدِ الْحُكْمَ فِي الْكِتَابِ وَالسُّ نَّةِ قِسْ نَا الأَمْرَ « » بِالأَمْرِ، فَمَا كَانَ أَقْ رَبَ إِلَى الحَقِّ عَمِلْنَا بِه .
“Waarover zullen jullie oordelen?” Zij zeiden: “Als wij de regel niet in het Boek of in de profetische traditie (Sunnah) vinden, zullen wij een analogie (Qiyas) maken tussen zaken; wat (volgens ons oordeel) het dichtst bij het juiste staat, wordt aangenomen.” (vermeld door Al-Amidi in Al-Ahkam en Abu Al-Husain in Al-Mu’tamad). Deze analogie is op zichzelf een zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) om de regel af te leiden, en de Boodschapper van Allah ﷺ keurde het goed. Er is ook overgeleverd dat de Boodschapper van Allah ﷺ tegen Mu’ath zei toen hij hem aanstelde als gouverneur van Jemen:
“What will you judge by?” They said: “If we don’t find the rule in the Book or in the Sunnah, we will make analogy (Qiyas) between things; whichever (according to our judgement) is closer to the right is adopted.” (mentioned by Al-Amidi in Al- Ahkam and Abu Al-Husain in Al-Mu’tamad). This analogy is in itself an Ijtihad to deduce the rule, and the Messenger of Allah (pbuh) approved it. It is also reported that the Messenger of Allah (pbuh) said to Mu’ath when he appointed him as governor to Yemen:
كَيْفَ تَ قْضِي إِنْ عَرَضَ لَكَ قَضَاء ؟ قَالَ: أَقْضِي بِكِتَابِ اللَّهِ، قَالَ: فَإِنْ لَمْ « قَالَ: فَإِنْ لَمْ يَكُنْ فِي سُنَّةِ رَسُولِ ، يَكُنْ فِي كِتَابِ اللَّهِ ؟ قَالَ: فَسُنَّةِ رَسُولِ اللَّهِ قَالَ: أَجْتَهِدُ رَأْيِي وَلاَ آلُو. قَالَ: فَضَرَبَ صَدْرِي فَ قَالَ: الْحَمْدُ لِلَّهِ الَّذِي ؟ اللَّهِ » لِمَا ي رُْضِي رَسُولَه وَفَّقَ رَسُولَ رَسُولِ اللَّهِ.
كَيْفَ تَ قْضِي إِنْ عَرَضَ لَكَ قَضَاء ؟ قَالَ: أَقْضِي بِكِتَابِ اللَّهِ، قَالَ: فَإِنْ لَمْ « قَالَ: فَإِنْ لَمْ يَكُنْ فِي سُنَّةِ رَسُولِ ، يَكُنْ فِي كِتَابِ اللَّهِ ؟ قَالَ: فَسُنَّةِ رَسُولِ اللَّهِ قَالَ: أَجْتَهِدُ رَأْيِي وَلاَ آلُو. قَالَ: فَضَرَبَ صَدْرِي فَ قَالَ: الْحَمْدُ لِلَّهِ الَّذِي ؟ اللَّهِ » لِمَا ي رُْضِي رَسُولَه وَفَّقَ رَسُولَ رَسُولِ اللَّهِ.
“Waarover zul je oordelen?” Hij zei: “Naar het Boek van Allah.” Hij zei: “Wat als je de uitspraak niet vindt?” Hij zei: “Naar de profetische traditie (Sunnah) van de Boodschapper van Allah ﷺ.” Hij zei: “Wat als je de uitspraak niet vindt?” Hij zei: “Dan zal ik mijn eigen mening gebruiken.” Hierop zei de Boodschapper van Allah ﷺ: “Lof zij aan Allah, Die de gezant van de Boodschapper van Allah ﷺ heeft geleid naar datgene wat Zijn Boodschapper tevreden stelt” (overgeleverd door Ahmad, Al-Tirmidhi, Al-Darimi en Abu Dawud, en werd geauthenticeerd door Al-Hafiz Ibn Kathir Al-Basrawi, die zei dat de overlevering Hasan Mashur is en wordt gebruikt door de geleerden van de Islam).
“What will you rule by?” He said: “By the Book of Allah.” He said: “What if you do not find the rule?” He said: “By the Sunnah of the Messenger of Allah (pbuh).” He said: “What if you do not find the rule?” He said: “I will exert my own opinion.” Upon this the Messenger of Allah (pbuh) said: “Praise be to Allah Who guided the envoy of the Messengerof Allah (pbuh) to what satisfies His Messenger” (transmitted by Ahmad and Al- Tirmidhi and Al-Darimi and Abu Dawud and was authenticated by Al-Hafiz Ibn Kathir Al-Basrawi who said that the narration is Hasan Mashur and relied upon by the scholars of Islam).
Dit duidt duidelijk op de goedkeuring van de Boodschapper van Allah ﷺ met betrekking tot de uitvoering van zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) door Mu’ath. Bovendien is de kennis van de regels verbonden met en gerelateerd aan zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad), aangezien de realisatie en het begrip van de regels zonder deze kennis niet tot stand gebracht konden worden. Daarom wordt zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) verplicht, omdat het principe van de sharia het volgende voorschrijft:
This clearly indicates the approval of the Messenger of Allah (pbuh) with regard to Mu’ath’s performance of Ijtihad. Furthermore, the knowledge of the rules is linked and is related to Ijtihad since the realisation and the comprehension of the rules could not be established without it. Hence, Ijtihad becomes obligatory because the Shari’ah principle stipulates:
. )ما لا يتم الواجب إلا به فهو اجب( .
. )ما لا يتم الواجب إلا به فهو اجب( .
“Datgene, waartoe de verplichting niet kan worden vervuld, is op zichzelf een verplichting.”
“That, without which the obligation cannot be accomplished, is itself an obligation”.
Oorspronkelijk wordt de afleiding van de regels uitgevoerd door Mujtahideen (zij die in staat zijn tot zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad)), omdat de kennis van de regel van Allah in een gegeven zaak niet bereikt kan worden behalve door zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad), en zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) wordt daarom onontbeerlijk. De geleerden van Usul Al Fiqh (de principes van de islamitische jurisprudentie (Fiqh)) hebben aangegeven dat zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) een collectieve plicht (fard kifayah) is voor de moslims en dat het voor moslims verboden is om op enig gegeven moment zonder een enkele zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid) te zijn, en dat als zij allen zouden instemmen met het verlaten van zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad), zij zondig zouden zijn omdat de enige manier om de sharia-regels te kennen via zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) is. Daarom, indien een tijdperk verstoken zou zijn van tenminste één zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid) op wie vertrouwd kan worden bij het waarnemen van de regels, zou dit leiden tot de verlamming van de sharia, en dit is verboden. Bovendien leggen de sharia-teksten de plicht op aan moslims om zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) uit te voeren, omdat deze sharia-teksten (d.w.z. het Boek en de profetische traditie (Sunnah) en niets anders) niet in gedetailleerde wijze zijn gekomen, maar eerder op een algemene wijze die kan worden toegepast op elke realiteit waartoe de mensheid wordt geconfronteerd. Hun begrip en de afleiding van de regel van Allah vereisen het uitputten van inspanningen om de sharia-regel uit hen te verkrijgen voor elke zaak. Deze zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) is geen onmogelijke taak en is ook niet extreem moeilijk; het is eerder het proces van het uitputten van iemands inspanning om de sharia-regels te verwerven met de minste mate van twijfel. Met andere woorden, het is het begrijpen van de sharia-teksten met het uitputten van iemands uiterste inspanning om dit begrip te bereiken en de sharia-regel waar te nemen. Dit ligt in feite binnen het bereik van iedereen. Zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad) was natuurlijk en evident voor de moslims in de vroege tijden en het had geen vereisten. Echter, aangezien het begrip van de klassieke Arabische taal begon te verzwakken en aangezien mensen minder aandacht begonnen te besteden aan het onderscheiden van de religie (Deen), is het de zelfstandig rechtsgeleerde (Mujtahid) verplicht geworden om de overgeleverde bewijzen (Adillah Sam’iyyah) te kennen waarvan de principes en de regels worden afgeleid. Het is hem ook verplicht geworden om de betekenis te onderscheiden van uitdrukkingen die gebruikelijk zijn in de klassieke Arabische taal en in het gebruik van de retorica. Er zijn geen andere voorwaarden naast deze twee voor het verrichten van zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad). Daarom is zelfstandige rechtsvinding (Ijtihad), naast het een collectieve plicht voor de moslims, binnen het bereik van alle moslims. Dit zijn alle bewijzen (Daleel) voor dit Artikel.
In origin, the deduction of the rules is performed by Mujtahideen (those capable of Ijtihad) because the knowledge of Allah’s rule in a given matter cannot be reached except through Ijtihad, and Ijtihad ,therefore, becomes indispensable. The scholars of Usul Al Fiqh (the principles of jurisprudence) have indicated that Ijtihad is a duty of sufficiency upon the Muslims and that it is forbidden for Muslims to be without a single Mujtahid at any given time, and that if they all agreed upon forsaking Ijtihad, they would be sinful because the only way to know the Shari’ah rules is through Ijtihad. Therefore, if an era were devoid of at least one Mujtahid upon whom it could be relied in perceiving the rules, it would lead to the paralysis of the Shari’ah and this is forbidden. Besides, the Shari’ah texts make it incumbent upon Muslims to perform Ijtihad because these Shari’ah texts (i.e. the Book and the Sunnah and nothing else) have not come in a detailed manner but rather in a general manner that can be applied to every reality faced by humanity. Their understanding and the deduction of the rule of Allah require the exhausting of efforts in order to obtain the Shari’ah rule from them for every matter. This Ijtihad is not an impossible task nor is it extremely difficult; rather, it is the process of exhausting one’s effort in order to acquire the Shari’ah rules with the least amount of doubt. In other words, it is the understanding of the Shari’ah texts with the exhausting of one’s utmost effort in order to attain this understanding and to perceive the Shari’ah rule. This is in fact within everyone’s reach. Ijtihad was natural and evident to the Muslims in the early times and it had no prerequisites. However, since the understanding of the classical Arabic language started to weaken and since people started to devote less attention to discerning the Deen, it has become incumbent upon the Mujtahid to know the narrated evidences (Adillah Sam’iyyah) from which the principles and the rules are deduced. It has also become incumbent upon him to discern the meaning of expressions which are commonly used in the classical Arabic language and in the usage of rhetoric. There are no other conditions apart from these two to performing Ijtihad. Therefore, in addition to being a duty of sufficiency upon the Muslims, Ijtihad is within the reach of all the Muslims. These are all the evidences for this Article.