Al-waajib
Al-waajib
Al-Waajib en Al-Fard hebben dezelfde betekenis, aangezien het synoniemen zijn (Lafzhaan Mutaraadifaan).
Al-Waajib and Al-Fard hold one meaning as they are synonyms (Lafzhaan Mutaraadifaan).
Wat betreft wat sommige van de zelfstandig rechtsgeleerden (Mujtahideen) hebben gezegd, inclusief de Ahnaaf, met betrekking tot het feit dat het verplicht (Fard) is wat is vastgesteld door een bewijs Qat’iy (definitief bewijs) en het verplicht (Wajib) is wat is vastgesteld door een bewijs Zhanniy (ondefinitief bewijs), dan is er niets binnen de taal of de Shar’a dat wijst op of leidt tot het maken van een dergelijk onderscheid tussen hen.
As for what some of the Mujtahideen have said including the Ahnaaf in respect to the Fard being that which has been established by a Daleel Qat’iy (definite evidence) and the Waajib being established by a Daleel Zhanniy (indefinite evidence), then there is nothing within the language or the Shar’a that indicates and guides to making such a differentiation between them.
De realiteit van deze zaak is dat het datgene is wat de Shaari’ met een beslissende eis heeft gevraagd, en het maakt niet uit of de Talab (eis) is vastgesteld door een Daleel Qat’iy of een Daleel Zhanniy.
The reality of this matter is that it is that which the Shaari’ has requested by a decisive request and there is no difference in respect to whether the Talab (request) was established by a Daleel Qat’iy or a Daleel Zhanniy.
De definitie van het Wajib of het Fard volgens de meerderheid is: het is datgene wat de Shaari’ heeft gevraagd om te worden gedaan via een beslissend verzoek (Talab Jaazim), en het is tevens datgene waarbij de uitvoerder wordt beloond en geprezen/aangeprezen, terwijl degene die het laat en het nalaat wordt gestraft en verwijtbaar wordt bevonden. Voorbeelden van het Fard zijn onder meer: Al-Jihaad, het vasten (Sawm) van Ramadhaan en het regeren met datgene wat Allah (SWT) heeft geopenbaard. Onder de bewijzen die de Wujoob (verplichting) van Al-Jihaad aangeven, is de Qawl van Allah Ta’Aalaa:
The definition of the Waajib or the Fard according to the majority is: It is what the Shaari’ has requested to be done by way of a decisive request (Talab Jaazim) and it is also that which the doer is rewarded and praised/commended whilst its leaver is punished and found blameworthy. Examples of the Fard include: Al-Jihaad, the Sawm of Ramadhaan and ruling by what Allah (swt) has revealed. From amongst the evidences indicating the Wujoob (obligation) of Al-Jihaad is the Qawl of Allah Ta’Aalaa:
Vecht tegen degenen die niet geloven in Allah, noch in de Laatste Dag, noch datgene verbieden wat verboden is door Allah en Zijn Boodschapper, en degenen die de religie (Deen) van de waarheid (Islam) niet erkennen onder de mensen van het Boek (Joden en Christenen), totdat zij de hoofdelijke belasting (Jizyah) betalen met onderdanigheid, en zichzelf onderworpen voelen (At-Taubah 29).
Fight against those who believe not in Allah, nor in the Last Day, nor forbid that which has been forbidden by Allah and His Messenger and those who acknowledge not the Deen of truth (i.e. Islam) among the people of the Scripture (Jews and Christians), until they pay the Jizyah with willing submission, and feel themselves subdued (At-Taubah 29).
Dit is een Amr Jaazim (beslissend gebod) vanwege de Qareenah (connotatie) in Zijn Qawl (SWT):
This is an Amr Jaazim (decisive command) due to the Qareenah (connotation) in His Qawl (swt):
Als jullie niet ten strijde trekken, zal Hij jullie straffen met een pijnlijke straf (At-Taubah 39).
If you march not forth, He will punish you with a painful torment (At-Taubah 39).
Onder de bewijzen (Daleel) voor de Wujoob (verplichting) van vasten in Ramadhaan is de Qawl van Allah Ta’Aalaa:
From among the Adillah (evidences) for the Wujoob (obligation) of fasting in Ramadhaan is the Qawl of Allah Ta’Aalaa:
O jullie die geloven! Het vasten (As-Saum) is aan jullie voorgeschreven, zoals het is voorgeschreven aan hen die vóór jullie waren, opdat jullie Al-Muttaqun worden (Al-Baqarah 183).
O you who believe! Observing As-Saum (the fasting) is prescribed for you as it was prescribed for those before you, that you may become Al-Muttaqun (Al-Baqarah 183).
En de betekenis van Kataba (geschreven/voorgeschreven) is Farada (verplicht gesteld). De Qareenah (connotatie) daarvan is de Qawl van Allah ‘Azza Wa Jalla:
And the meaning of Kataba (written/prescribed) is Farada (made obligatory). The Qareenah (connotation) for that is the Qawl of Allah ‘Azza Wa Jalla:
[Het waarnemen van Saum (vasten)] gedurende een vastgesteld aantal dagen, maar als iemand van jullie ziek is of op een reis is, dan moeten dezelfde dagen op andere dagen worden ingehaald (Al-Baqarah 184).
[Observing Saum (fasts)] for a fixed number of days, but if any of you is ill or on a journey, the same number (should be made up) from other days (Al-Baqarah 184).
De Talab (verzoek) is daarom Jaazim (beslissend), omdat het de zieke of de reiziger die niet in staat was om te vasten, heeft verzocht om, na het wegvallen van de excuus, een aantal dagen te vasten ter vervanging van de dagen waarop zij hun vasten hadden verbroken. Van de bewijzen (Adillah) voor de Wujoob van het oordelen met datgene wat Allah heeft geopenbaard, is de Qawl Ta’Aalaa van Hem:
The Talab (request) is therefore Jaazim (decisive) because it has requested the sick person or traveller if they were unable to fast, to fast, after the passing of the excuse, a number of days in exchange for those in which they had broken their fast. From the evidences (Adillah) for the Wujoob of ruling by what Allah has revealed is His Qawl Ta’Aalaa:
En wie niet oordeelt naar dat wat Allah heeft geopenbaard, zij zijn de Kaafiroon (ongelovigen) (Al-Maa’idah 44).
And whosoever does not rule by what Allah has revealed then they are the Kaafiroon (disbelievers) (Al-Maa’idah 44).
En ook de verzen (Ayah's) die volgen:
And also the Aayaat that follow:
En wie niet oordeelt naar dat wat Allah heeft geopenbaard, zij zijn de Zhaalimoon (overtreeders) (Al-Maa’idah 44).
And whosoever does not rule by what Allah has revealed then they are the Zhaalimoon (transgressors) (Al-Maa’idah 44).
En wie niet oordeelt naar dat wat Allah heeft geopenbaard, zij zijn de Faasiqoon (opstandig ongehoorzamen) (Al-Maa’idah 44).
And whosoever does not rule by what Allah has revealed then they are the Faasiqoon (rebelliously disobedient) (Al-Maa’idah 44).